Ontwikkeling en onderzoek

Volgens Bartjens - Ontwikkeling en Onderzoek, januari 2026

Ronald Keijzer en Marian Hickendorff

Marian Hickendorff heeft per 1 januari 2026 Ronald Keijzer opgevolgd als hoofdredacteur van Volgens Bartjens – Ontwikkeling en Onderzoek.

Bij ieder nummer van het tijdschrift Volgens Bartjens verschijnen twee artikelen in Volgens Bartjens – Ontwikkeling en Onderzoek. Deze verdiepende artikelen zijn op de site van Volgens Bartjens beschikbaar.

 

Het eerste artikel is geschreven door Emilie Prast en gaat over veelbelovende rekenaars.

 

Veelbelovende rekenaars herkennen en stimuleren

Leerlingen met veel reken-wiskundig potentieel, ook wel veelbelovende rekenaars genoemd, worden in Nederland vaak niet herkend en onvoldoende uitgedaagd. Er zijn verschillende groepen veelbelovende rekenaars die elkaar gedeeltelijk overlappen: hoogpresterende, creatieve en hoogbegaafde leerlingen. Sommige van deze leerlingen presteren al hoog, terwijl andere leerlingen hun potentieel nog niet hebben omgezet in hoge toetsprestaties. Wanneer veelbelovende rekenaars enkel worden geïdentificeerd op basis van rekentoetsen, worden bepaalde leerlingen onterecht niet herkend als veelbelovende rekenaar. Dit risico is groter voor leerlingen met een migratie-achtergrond en/of lagere sociaal-economische status en meisjes.

De internationale literatuur beschrijft twee benaderingen om dit te voorkomen: een meervoudige identificatieprocedure en uitdagende opdrachten voor alle leerlingen. De eerste benadering bestaat uit het zorgvuldiger identificeren van veelbelovende rekenaars, door verschillende informatiebronnen te combineren. Naast reguliere rekentoetsen kunnen bijvoorbeeld ook rekentoetsen die meer zijn gericht op creativiteit, intelligentietests en observaties worden gebruikt.

 

De tweede benadering is om níet vooraf te bepalen wie de veelbelovende rekenaars zijn, maar in plaats daarvan uitdagende opdrachten aan alle leerlingen aan te bieden. Zo komen alle leerlingen in aanraking met uitdagende taken. Tegelijkertijd biedt dit mogelijkheden om leerlingen met veel reken-wiskundig potentieel te herkennen en stimuleren. Om deze benadering te laten slagen, is het belangrijk dat de taken voor alle leerlingen zowel toegankelijk als uitdagend zijn.  

Beide benaderingen kunnen bijdragen aan het herkennen en stimuleren van veelbelovende rekenaars, maar ze doen dit vanuit een andere visie. De eerste benadering gaat ervan uit dat er bepaalde leerlingen zijn met veel reken-wiskundig potentieel (hoewel dit nog verborgen kan zijn), en richt zich op het selecteren van deze leerlingen voor een aangepast onderwijsprogramma waarmee zij hun potentieel optimaal kunnen ontwikkelen. De tweede benadering gaat ervan uit dat alle leerlingen een zekere mate van reken-wiskundig potentieel hebben, en dat het onderwijsprogramma zodanig aangepast moet worden dat het uitdagend is voor alle leerlingen (inclusief leerlingen met veel potentieel).

Beide benaderingen hebben dan ook verschillende consequenties. In de eerste benadering wordt het aangepaste onderwijsprogramma meestal apart aan veelbelovende rekenaars aangeboden, terwijl de tweede benadering wordt toegepast in klassen met uiteenlopende rekenniveaus. Daarnaast zijn voor de benaderingen verschillende materialen en vaardigheden nodig. Een meervoudige identificatieprocedure vereist ten eerste de beschikbaarheid van informatiebronnen (zoals observatielijsten) en deskundigheid in het interpreteren van deze informatiebronnen. Ten tweede zijn hiervoor uitdagende opdrachten voor veelbelovende rekenaars en vaardigheden in het begeleiden van deze leerlingen bij deze opdrachten nodig. Wanneer daarentegen uitdagende opdrachten aan alle leerlingen worden aangeboden, is het belangrijk dat deze opdrachten zowel toegankelijk als uitdagend worden gemaakt voor alle leerlingen. Dit doet een groot beroep op de differentiatievaardigheden van de leerkracht. Daarnaast vraagt dit om vaardigheden in het herkennen van veelbelovende rekenaars tijdens het werken aan uitdagende taken binnen een heterogene groep.

Het volledige artikel biedt een overzicht van de kenmerken van veelbelovende rekenaars en verschillen binnen deze groep. Vervolgens worden beide benaderingen en hun voor- en nadelen uitgebreider beschreven. Tot slot wordt overwogen hoe beide benaderingen kunnen worden toegepast in de Nederlandse context om het herkennen en stimuleren van veelbelovende rekenaars te verbeteren.

 

Lees hier het volledige artikel.

 

Het tweede artikel is het verslag van de Panamaconferentie van de hand van Ronald Keijzer, Simone van der Maeden, Iris Verbruggen en Isabelle Oostveen-de Vink.

 

Verslag van de 43e Panamaconferentie ‘Al, tijd, rekenen-wiskunde'

De 43e Panamaconferentie, gehouden op 22 en 23 mei 2025 in Zeist, stond in het teken van ‘AI, tijd en rekenen-wiskunde’. Het thema tijd werd breed opgevat: van de geschiedenis van tijdmeting tot de manier waarop kinderen tijd leren ervaren, plannen en begrijpen.

In de plenaire bijdragen kwam naar voren dat het goed gaat met het Nederlandse reken-wiskundeonderwijs. Uit het TIMSS-2023-onderzoek blijkt dat leerlingen in groep 6 op hetzelfde niveau presteren als twintig jaar geleden. Toch zijn er zorgen: meisjes doen het gemiddeld iets minder goed dan jongens, en er is nog altijd weinig ruimte voor excellente leerlingen. Ook uit het PIAAC-onderzoek naar vaardigheden van volwassenen kwam een positief beeld: Nederlanders behoren tot de internationale top als het gaat om rekenvaardigheid, al nemen de vaardigheden af met de leeftijd.

De actualisatie van de kerndoelen rekenen-wiskunde, die in 2026 van kracht moeten worden, vormde een belangrijk gespreksonderwerp. Leraren, opleiders en curriculumexperts spraken met elkaar over de kansen en risico’s van deze vernieuwing. Daarbij stonden vragen centraal als: hoe ziet betekenisvol rekenonderwijs eruit, en hoe kan het beter aansluiten bij de wereld van leerlingen? De presentaties van nieuwe NRO-leidraden, die praktische handvatten bieden voor kleuterleerkrachten, leerkrachten in groep 3 t/m 8 en docenten in het mbo, gaven een concreet beeld van hoe wetenschappelijke inzichten vertaald kunnen worden naar de klas.

Veel sessies gingen over het ontwerpen van reken-wiskundeonderwijs. Deelnemers leerden bijvoorbeeld hoe rijke rekenvragen leerlingen aan het denken zetten en hoe de Building Thinking Classrooms-aanpak leerlingen stimuleert om echt wiskundig te redeneren in plaats van alleen te reproduceren. Ook kritisch denken speelde een grote rol, met aandacht voor hoe kinderen en volwassenen grafieken interpreteren. Daarnaast was er aandacht voor de verbinding tussen rekenen, wetenschap en techniek, en zelfs voor de rol van tijd bij het leren klokkijken – van digitale klokken tot zonnewijzers.

Er was tijdens de conferentie aandacht voor verschillen tussen leerlingen. Meertaligheid, culturele achtergrond en verschillen in talent en rekenangst vragen om een inclusieve aanpak. Leraren kunnen meertaligheid benutten als kracht in plaats van als belemmering. Tegelijkertijd werd benadrukt dat het herkennen van wiskundig talent breder moet gebeuren dan alleen via toetsen.

Ook de lerarenopleidingen zelf zijn volop in ontwikkeling. Er wordt gewerkt aan een herziening van de kennisbasis wiskunde en aan vernieuwende opleidingsvormen die studenten stimuleren om dieper over rekenen na te denken. Thema’s als rekenangst, reflectie en vakdidactisch redeneren kwamen nadrukkelijk aan bod.

Hoewel de titel van de conferentie ook verwees naar kunstmatige intelligentie, bleef dat onderwerp grotendeels op de achtergrond. AI werd vooral gezien als hulpmiddel, niet als vervanging van menselijk denken. De organisatoren probeerden zelfs een deel van dit verslag door een AI-tool te laten schrijven, maar concludeerden dat reflecteren op onderwijs voorlopig nog echt mensenwerk is. De conferentie maakte duidelijk dat rekenen-wiskundeonderwijs leeft, en dat tijd nemen om samen na te denken de sleutel blijft tot vernieuwing.

 

Lees hier het volledige artikel.

 

Deel dit artikel
Vangorcumtijdschriften.nl maakt gebruik van cookies.

Welkom! Leuk dat je een bezoekje brengt op vangorcumtijdschriften.nl. Wij, en derde partijen, maken op onze websites gebruik van cookies. Wij gebruiken cookies voor het bijhouden van statistieken, om jouw voorkeuren op te slaan, maar ook voor marketingdoeleinden (bijvoorbeeld het sturen van een bericht als je winkelwagen nog vol is). Door op 'Zelf instellen' te klikken, kun je meer lezen over onze cookies en je voorkeuren aanpassen.

Zelf instellen
Alle cookies accepteren
Uw cookie instellingen
Deze website maakt gebruik van functionele en analytische cookies, die nodig zijn om deze site zo goed mogelijk te laten functioneren. Hieronder kan je aangeven welke andere soorten cookies je wilt accepteren.
Functionele cookies

Functionele cookies ondersteunen de basisfuncties van een website zoals paginanavigatie en toegang tot beveiligde delen van de website mogelijk maken. Zonder deze cookies kan de website niet naar behoren functioneren.

Analytische cookies

Analytische cookies helpen ons om te begrijpen hoe bezoekers omgaan met onze website door anoniem informatie te verzamelen en te rapporteren. Deze informatie wordt gebruikt om de website te verbeteren.

Marketing en tracking cookies

Marketing cookies worden gebruikt voor het functioneren van ons opvolgsysteem met betrekking tot account activiteiten(als het niet kunnen afronden van bestelling). Ook wordt er informatie verzameld om dit zoveel mogelijk aan te sluiten bij je interesses.

Cookies instellingen opslaan